Woensdag 17 december 2008 heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak gedaan in het beroep dat onder andere door de Vereniging Strandhuisjes Zeebad Castricum en de Vereniging Strandcollectief Bakkum was aangespannen tegen het bestemmingsplan "Herziening Duingebied/regeling strandrecreatie". De strandhuisjes-eigenaren kregen ongelijk.
In een poging het verbod om te slapen op het strand onderuit te halen waren de Vereniging Strandcollectief Bakkum Noord en de Vereniging Strandhuisjes Zeebad Castricum in beroep gegaan tegen het bestemmingsplan waarin dit verbod werd vastgelegd. De Raad van State boog zich erover en deed op 17 december 2008 uitspraak. De uitspraak is te vinden via de link http://www.raadvanstate.nl/uitspraken/zoeken_in_uitspraken/zoekresultaat/?verdict_id=32650 De Raad van State ramt al snel alle hoop van de Vereniging Strandcollectief Bakkum Noord de grond in. In rechtsoverweging 2.1 staat uitgelegd dat de zienswijze van de vereniging een dag te laat is binnengekomen en dus is de vereniging niet-ontvankelijk. De eigenaar van strandpaviljoen 'Jaffa' is wel ontvankelijk in zijn beroep, maar krijgt van de Raad van State ook nul op rekest. Zijn bezwaren over de grootte en situering van de bouwvlakken en de openingstijden van zijn paviljoen worden ongegrond verklaard. De Raad van State is het met de gemeenteraad eens dat het belang van het strand als 'zeewering' belangrijker is dan het strand als 'recreatiegebied'. Ook het Hoogheemraadschap had moeite met het bestemmingsplan. In het plan wordt een 'harde' lijn gegeven, waarin de bebouwing op het strand moet worden geplaatst. Het Hoogheemraadschap, dat ook toestemming moet verlenen voor de bouwwerken, wilde een minder harde lijn. De Raad van State is het echter met de gemeente eens: het bestemmingsplan is niet zo hard als het Hoogheemraadschap stelt, de lijn waarin gebouwd moet worden kan eens in de 5 jaar aangepast worden. Tenslotte de Vereniging Strandhuisjes Zeebad Castricum. Deze vereniging was op tijd met haar beroep en dus boog de Raad van State zich eindelijk over het slaapverbod. Volgens de vereniging werd het slapen al tijdenlang gedoogd en dient het slapen toegestaan te worden vanuit overgangsrechtelijke bepalingen. Daarnaast wordt gevreesd voor waardevermindering en wordt artikel 1 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens aangehaald. De Raad van State was het daar niet mee eens. Het slapen werd nooit uitdrukkelijk gedoogd door de gemeente en de vereniging heeft niet hard kunnen maken dat er al vóór 1976 werd geslapen op het strand. Hierdoor gold het verbod dat in 1976 in het bestemmingsplan was opgenomen nogsteeds en konden de strandhuis- eigenaren zich niet beroepen op overgangsrecht. Ook de waardevermindering wordt door de Raad van State niet relevant geacht voor de vaststelling van het bestemmingsplan. Het EVRM, tenslotte, is volgens de Raad van State niet van toepassing. Het einde van de uitspraak luidt dan ook: het beroep van de Vereniging Strandcolleftief niet ontvankelijk en alle andere beroepen ongegrond. Het slapen op het strand blijft... verboden.
woensdag 17 december 2008
donderdag 11 december 2008
Nummer 2 - compromissen
Met een compromis probeer je zoveelmogelijk mensen tevreden te houden. Compromissen met veel verschillende partijen zijn precies daarom gedoemd te mislukken. Als je iedereen een beetje gelijk wil geven houdt dat per definitie in dat je iedereen ook een beetje ongelijk moet geven. En als iedereen een beetje ongelijk heeft gekregen is iedereen niet echt gelukkig met het compromis. Met als gevolg dat het compromis tot in lengte van dagen bekritiseerd blijft door alle betrokken partijen. Een goed voorbeeld bij deze stelling is de vernieuwde Dorpsstraat. De fietsstraat. Na jarenlang gekissebis kwam wethouder Portegies met de ‘stakeholdersmethode’. Alle belanghebbenden aan tafel en dan met alle belangen rekening houdend een oplossing proberen te vinden. De winkeliers wilden per sé tweerichtingverkeer houden. De vertegenwoordigers van de automobilisten wilden per sé de straat niet afsluiten. De bewoners wilden per sé geen overlast. De vertegenwoordigers van het langzaamverkeer (fietsers, voetgangers) wilden per sé een veilige straat. Iedereen heeft uiteindelijk een beetje gelijk gekregen en daarmee is niemand tevreden gesteld. Er ligt nu een klein strookje fietsstraat aan de CF Smeetskant van de Dorpsstraat en daaruit blijkt het ongelijk van het compromis. Fietsers voelen zich onveilig als rijdende verkeersdrempels. Auto’s kunnen daar weinig aan doen, je komt nu eenmaal dreigend over als je vlak achter een fietser aanrijdt met een auto. Auto’s manoeuvreren achterlijk om elkaar en de fietsers te kunnen ontwijken. De Dorpsstraat blijkt bijzonder onvriendelijk smal voor auto’s uit twee richtingen, gemengd met langzaam verkeer. Dat is snelheidsremmend, inderdaad, omdat het gevaarlijk is. Omwonenden gaan er niet op vooruit. Om fietsers in te halen moeten auto’s over het kasseienstrookje dat als middenberm is aangelegd, wat een herrie van jewelste oplevert vergeleken met een stook asfalt. Ondernemers gaan er niet op vooruit, want door de rare situatie worden mensen bang om de Dorpsstraat te gebruiken. Om trouwens nog maar te zwijgen over de aansluiting met de rotonde op de CF Smeetslaan… daar klopt voor fietsers al helemáál niets van. Gevolg van dit alles: de Dorpsstraat wordt al bekritiseerd voordat hij helemaal af is. Veilig Verkeer Nederland wil het plan nog eens tegen het licht houden. VVN is inderdaad één van de belanghebbenden die ‘stakeholder’ was.
U wilt nóg een voorbeeld van een falend compromis? De Alderstafel, waar alle belanghebbenden over Schiphol hebben mogen kissebissen. Iedereen heeft daar ongelijk gekregen, schitterend compromis. Werd meteen al bekritiseerd door de stakeholders.
U wilt nóg een voorbeeld van een falend compromis? De Alderstafel, waar alle belanghebbenden over Schiphol hebben mogen kissebissen. Iedereen heeft daar ongelijk gekregen, schitterend compromis. Werd meteen al bekritiseerd door de stakeholders.
Labels:
Alderstafel,
coffeng,
compromis,
Dorpsstraat,
fietsstraat,
goudappel,
Smeetslaan,
stakeholders,
VVN
woensdag 10 december 2008
Nummer 1 - inleiding
Het moet er maar eens van komen, ik moet toch ergens beginnen. Laat ik starten op blogger, zoals ook SuperoLog ooit begon. Lekker in de luwte, buiten schootsveld, in de achterhoede van het grote boze internet. Ik heb politieke aspiraties, laat dat duidelijk zijn. Ik wil in 2010 meedoen met de gemeenteraadsverkiezingen in Castricum. Ik ben namelijk nogal arrogant en denk dat ik het raadswerk stukken beter inhoud kan geven dan het zittende schorem. 2010, dat is al over anderhalf jaar en er is nog veel werk te verrichten. Er moet sowiezo geoefend worden in het neerzetten van stellingen, het verkopen van mijn mening. Ik geef commentaar op sites als die van het Nieuwsblad voor Castricum en het Noordhollandse Sufferdje, maar dat is niet helemaal wat ik zoek. Het mag wat minder vrijblijvend, wat minder negatief, wat dieper op de inhoud, wat puntiger. Ik zou wel een wekelijkse column in de krant willen om te bespreken wat ik allemaal zie en hoor in de klankbordgroepen en overleggen waar ik mijn vrije tijd aan op maak. Een mooie plek om kort en bondig mijn mening te geven of een anekdote neer te zetten. Dan moet ik nog wel een krant vinden die mijn schrijfsels wil publiceren, anders dan in de ingezondenbrievenrubriek. Materiaal om aan de krant te laten zien heb ik niet, ik heb nog nooit een column geschreven. Een stukje tekst van maximaal 400 woorden met een begin, een middenstuk en een einde. Elke week, ook in weken waarin niet al te veel is gebeurd. Geen idee of ik dat kan. De enige schrijfervaring die ik heb zijn beleidsstukken, nota's, verweerstukken... werkinhoudelijk schrijfwerk dus. Humorloze ambtenarentaal, doorspekt met jargon, komma's en bijzinnen om het tempo eruit te halen. Daar schrijf je geen column mee. Daar verkoopt een politicus zijn mening niet mee. Vandaar deze vingeroefeningen. Probeersels. Misschien sterft het een zachte dood. Misschien hou ik het maar een paar weken vol. Misschien baal ik wel van mijn eigen schrijfstijl, op den duur. Maar het moet er maar eens van komen, ik moet toch ergens beginnen. 353 woorden, de kop is eraf.
Abonneren op:
Posts (Atom)
